Opvattingen over
eenzaamheid
Veelal wordt een onderscheid gemaakt tussen
zg. emotionele eenzaamheid (een gebrek aan intieme contacten) en sociale
eenzaamheid (een klein sociaal netwerk hebben). Deze indeling is gemaakt
door Weiss (1973).
Een andere manier om te denken over
eenzaamheid is: situationele eenzaamheid of chronische eenzaamheid
(Stevens). De eerste vorm hangt samen met omstandigheden en gaat wel weer
over... De tweede vorm heeft te maken met hoe mensen zelf denken over hun
eenzaamheid. Wie denkt dat hij of zij 'nu eenmaal zo is', zal niet snel
van de eenzaamheid af komen.
Wat is eenzaamheid?
Eenzaamheid is niet hetzelfde als sociaal geïsoleerd, en er zijn
veel mensen met een 'vol' sociaal leven die zich eenzaam voelen.
Anderzijds zijn er veel mensen met weinig sociale contacten die zich
absoluut niet eenzaam voelen.
Eenzaamheid is een gevoel dat iedereen kent. Een gevoel van leegte.
Een gevoel van niet verbonden zijn met de anderen, met de wereld.
Het is een verdrietig gevoel en het gaat vaak gepaard met gevoelens
van angst en machteloosheid. Wie zich niet goed kan losmaken van dat
gevoel, waardoor het blijft voortduren, heeft last van eenzaamheid. Dit wordt ook wel "eenzaam zijn"
genoemd.
Hoe ernstig is eenzaamheid?
Mensen die zichzelf eenzaam vinden hebben aantoonbaar hogere
stressniveaus dan anderen. Dat zorgt voor een ondermijning van het
afweersysteem. Eenzaamheid maakt ongezond. Mensen die last
hebben van eenzaamheid hebben vaak hogere bloeddruk, wonden genezen
langzamer en ze voelen zich minder gezond. Mensen die last hebben
van eenzaamheid voelen zich vaak buitengesloten uit de samenleving.
Ze voelen zich miserabel. Al met al reden genoeg om er wat aan
te doen. Eenzaamheid komt voor onder alle leeftijdgroepen. Het is
dan ook een misverstand te denken dat alle aandacht naar ouderen zou
moeten gaan. Integendeel, juist door het leren omgaan met
veranderingen op jongere leeftijd kan veel ellende worden voorkomen.
Hoe ontstaat eenzaamheid?
Eenzaamheid
leren we zodra we voor het eerst alleen worden gelaten, zonder de vertrouwde
aanwezigheid van onze verzorger. Een zuigeling leeft in een wereld van vaste
patronen: eten, slapen, gekoesterd worden, verzorgd worden. De aanwezigheid
van moeder of andere verzorger is vanzelfsprekend. Dat veilige patroon is nu
verstoord. Niet iedereen ervaart dit als traumatisch. Voor vele mensen
echter is daar de basis gelegd voor angst voor eenzaamheid.
Bovendien is eenzaamheid nu voorgoed gekoppeld aan een gevoel van
machteloosheid en wanhoop.
Opvallend veel mensen die
zeggen 'altijd eenzaam te zijn geweest' vertellen dat ze heel jong iets
hebben meegemaakt waardoor ze het gevoel hadden niet geliefd te zijn, alleen
gelaten te zijn. Het gevoel hebben te veel te zijn, niet goed genoeg te
zijn, komt veel voor onder mensen die last hebben van eenzaamheid.
Natuurlijk, dit gaat niet
altijd zo. Of er een genetische factor is die bepaalt dat het ene kind
tevreden is, terwijl het andere kind ontroostbaar lijkt, is niet helemaal
duidelijk. Ook is het mogelijk dat er een 'gevoelige periode' bestaat
waarin een kind alleen gelaten kan worden, terwijl dat voor die tijd leidt
tot problemen op termijn.
Eenzaamheid is altijd het gevolg
van een verstoring in de patronen in iemands leven
Niet elke verstoring van patronen wordt gevolgd door eenzaamheid,
maar eenzaamheid is wel altijd een gevolg van verstoring van
patronen.
Eenzaamheid is het gevolg van veranderde patronen in je leven. Een
echtscheiding bijvoorbeeld, of zelfstandig gaan wonen zijn
voorbeelden van dergelijke veranderingen. Ook zeer gewenste
veranderingen, zoals samenwonen of het krijgen van een kind, kunnen
het effect hebben dat er een gevoel van eenzaamheid ontstaat! Je
bent je vertrouwde patronen, je veiligheid kwijt. Wie na zo'n
verandering niet in staat is een gelukkig leven te leiden, houdt
last van eenzaamheid.
Een verstoring van patronen gaat altijd gepaard met
stress. Om nieuwe patronen te vormen is het nodig nieuwe wegen in te
slaan in het leven. Dat kan heel bedreigend zijn en weer een bron
van stress vormen. Wie niet weet hoe het leven weer opnieuw vorm te
geven, wie zich machteloos blijft voelen, heeft een probleem. Er ontstaat een nieuw patroon: het
patroon van blijvende eenzaamheid.
Blijvende eenzaamheid ondermijnt het afweersysteem en vormt zo een
risico voor de gezondheid.
Wat heeft het denken in patronen voor consequenties?
Wat heeft het voor zin om te zeggen dat je eenzaam bent doordat het
patroon van je leven is veranderd, in plaats van dat het komt
doordat je gescheiden bent? Wat heeft het voor zin te zeggen dat je
een onbevredigend levenspatroon hebt, in plaats van dat je sociaal
niet zo competent bent? Heel wat.
Eenzaamheid los je niet perse op met
meer contacten
Het opmerkelijke feit doet zich voor dat eenzaamheid niet per
definitie iets te maken heeft met contacten tussen mensen. Het kan,
maar het hoeft niet. Wie een gevoel van veiligheid en verbondenheid
met het leven ervaart zit misschien niet te wachten op veel
contacten. Die verbindt zich misschien met een God. Of niet.
Eenzaamheid is dus ook niet het gevolg van de manier waarop mensen
tegenwoordig met elkaar omgaan. Eenzaamheid is het gevolg van het
ontbreken van gevoelens van veiligheid, van verbondenheid met het
leven, gevoelens die ontstaan door verstoring van patronen.
Eenzaamheid ontstaat niet door
tekortkomingen van de persoon
Het is belangrijk dat niet gedacht wordt in termen
van de tekortkomingen van degene die last heeft van eenzaamheid.
Denken in patronen houdt in: kijken naar hoe de patronen in het
leven datgene opleveren wat een mens nodig heeft. Daarbij gaat
het zowel om individuele patronen als om de patronen die elk mens nodig
heeft. Natuurlijk is het hebben van sociale vaardigheden voor ieder
mens een pre. Natuurlijk zijn wij sociale wezens die zich manifesteren in
onze relatie tot anderen.
Vorm geen patroon van hulpverlening!
Het denken in patronen heeft het grote consequenties voor ‘de
hulpverlening’. Wie als hulpverlener een patroon vestigt van het
verlenen van hulp, vormt voor de cliënt en voor zichzelf, c.q. de
organisatie, een patroon van… hulpverlening! Dit is exact de reden
waarom hulpverlening zo vaak leidt tot afhankelijkheid van hulp. Het
terugtrekken van hulp op het moment dat zich een patroon heeft
gevormd in het leven van de cliënt is in zichzelf een nieuwe
verstoring die stress zal opleveren. Hulpverlening heeft dan ook
uitsluitend zin als die van meet af aan gericht is op het vormen van
patronen die duurzaam bevredigend zijn, voor beide partijen. Niet
altijd kan dat leiden tot het zelfstandig functioneren van de
cliënt. Ware hulpverlening zal gericht zijn op het vestigen van een
zo bevredigend mogelijk patroon van leven, binnen de bestaande
beperkingen. Een patroon dat veiligheid biedt en zodoende de
geborgenheid die ieder mens in het leven zoekt zal per definitie
eenzaamheid verminderen.
Wat betekent dit nu in de praktijk?
Welke patronen heeft een mens eigenlijk nodig? En liggen die vast of
zijn die ook weer aan verandering onderhevig? Die vraag moet
eigenlijk voorafgaan aan welke interventie dan ook. Er is gelukkig
een vracht aan psychologisch en sociologisch onderzoek waaruit we
kunnen putten.
Vanuit uw eigen professionaliteit zult u ongetwijfeld uw visie
hebben op wat zinvol is in hulpverlening. Wat ik wil bieden is een
aanvulling, een eigen geluid over wat eenzaamheid is en de do's en
don'ts bij preventie en interventie.
U kunt per e-mail contact
opnemen met
Jeannette Rijks.